20.000 Hz Herz = is een manier om de hoogte van geluid aan te geven
alpha = De leider of leidster van de roedel. De baas dus.
alpha capaciteiten = Eigenschappen waardoor een hond of wolf een leider kan zijn
Amputeren = (delen van) lichaamsdelen eraf halen
berghonden = Honden die in de bergen zelfstandig kuddes schapen of geiten bewaken en dus wolven en beren weg jagen
Carnivoren = vleeseters
Communicatie = Manier om met elkaar te praten. Dit kan een taal zijn, maar ook lichaamstaal (gebaren, houding en geuren)
Concurrenten = andere dieren die op dezelfde prooien jagen
Couperen = het amputeren van staart en/of oren
Demonenleer = verhaaltjes over duivels, waarin wolven vaak als slechte en gevaarlijke dieren worden afgeschilderd
Dominant = bazig
Gemobiliseerd = opgetrommeld/bij elkaar geroepen. Op de been gebracht.
Hiërarchie = rangorde
Hondsdolheid = (virus)ziekte die door een beet wordt overgebracht op andere honden, wolven, vossen,vleermuizen of zelfs mensen
Hormoon = stof die in het lichaam van mensen en dieren wordt gemaakt, die ervoor zorgt dat bepaalde lichaamsprocessen in werking treden
jachtstrategie = manier om zo goed mogelijk te jagen, vaak in samenwerking met andere wolven
kariboes = hertachtige dieren in Noord-Amerika die in kuddes leven
kegeltjes in de ogen = bepaalde cellen in de ogen die ervoor zorgen dat je afstand en diepte kunt zien. licht sensoren
Kolonisatie = ontdekking en in gebruikneming van nieuw land, door menselijke indringers
Loops = de periode dat honden en wolven vruchtbaar zijn en dus gedekt kunnen worden. Teven ruiken dan heel lekker voor reuen. Ze hebben dan een bloederige afscheiding uit de vagina
Molossers = grote dogachtige honden
mythes en legendes = verhalen waarin vaak een kern van waarheid zit
neutraalstand stand van de staart = het dier laat geen enkele emotie zien.
pigment = kleurstof in de huid en haren
Populatie = groep dieren van één ras in een bepaald gebied
Populatiedichtheid = de hoeveelheid dieren in een bepaald gebied
Premies = geldprijs; als een soort beloning
Prooidieren = de dieren waar wolven op jagen om op te eten
Rabiës = de ziekte hondsdolheid (zie bij ‘hondsdolheid’)
Roedel = groep wolven
selectief fokken = fokken met een beperkt aantal dieren of op een beperkt aantal eigenschappen
Submissief = onderdanig
Testosteron = een hormoon dat mannelijke dieren (en mensen) aanmaken, waardoor ze er mannelijker uitzien en zich ook zo gedragen
Verspreidingsgebied = gebied waar wolven voorkomen
vocale communicatie = communicatie door gebruik van geluid (stem)
Voorverteren = ervoor zorgen dat voedsel al een beetje is verteerd, waarna het wordt opgebraakt, zodat heel jonge dieren het beter kunnen eten
Zintuig = orgaan dat signalen opneemt en doorstuurt naar de hersenen. (horen, zien, voelen, ruiken, pijn)