Het voormalige verspreidingsgebied van de wolf omvatte bijna het hele gebied ten Noorden van de Evenaar, op Afrika na. De grootte van het verspreidingsgebied is meer dan gehalveerd en in die gebieden waar ze nog voorkomen, zijn ze bijna niet meer te vinden.
De rode wolf in Midden-Amerika is bijna uitgestorven.
De Noord-Amerikaanse Timberwolf is waarschijnlijk de nog meest voorkomende. Deze is groter dan de rode wolf en komt voor in de kleuren roodbruin, wolfsgrauw, wit en zwart. Met een schouderhoogte van max. 80 cm, een gewicht van 60 kg en een staart/neuslengte van bijna 2 meter is dit bijna de grootste wolvensoort.
De arctische wolf uit Canada is nog net iets groter en altijd wit. Vooral met de zeer dikke wintervacht lijkt dit dier echt kolossaal. Hij moet met een dikke vacht ook in 50°C onder nul kunnen leven.
De Noord-Europese wolf is net iets kleiner dan de Timberwolf maar met een schofthoogte van 75 tot 78 cm en een gewicht van ± 40 kg toch nog een aardige tegenstander voor wild zwijn of edelhert.
Zuid-Europese wolf, net als de Indische wolf en de rode wolf, is weer een tikkeltje kleiner en door de minder dikke vacht lijkt dit verschil nog groter. De laatstgenoemde wolven zijn wolfsgrauw ofwel grijs gekleurd. De rode wolf heeft buiten de grijze kleur ook een rood/bruine kleur vermengd.
De roodkleurige manenwolf uit Zuid-Amerika is eigenlijk geen wolf maar een zeer hoogbenige vossensoort.
Met name de Timberwolf en de Europese wolf zijn nog verdeeld in verschillende ondersoorten maar ik wil het hier even bij laten.